Om alle tonen, zowel laag als hoog op de hals gespeeld, zuiver te laten klinken moet de gitaar worden
geïntoneerd. Dit wordt gedaan met de volgende handelingen:
Als de toon lager klinkt dan de boventoon moet het kamzadeltje naar voren
richting hals worden versteld.
Als de toon hoger klinkt dan de boventoon (flageolet) moet het kamzadeltje
naar achteren richting snaarbevestiging worden versteld.
Als de kamzadels niet versteld kunnen worden, zoals bij veel akoestische gitaren, kan de gitaar
alleen door een gitaarbouwer worden geïntoneerd. Omdat deze werkzaamheden kostbaar kunnen
zijn, is het verstandig om de gitaar op intonatie te controleren voor je hem koopt.
Stemmen en controleren
Stem de gitaar in Spaanse concertstemming. Als
geen gebruik kan worden gemaakt van een goed gekalibreerd stemapparaat moeten
alle onderstaande handelingen worden uitgevoerd, anders volstaat de controle van
de eerste en tweede boventoon per snaar. Als de boventoon afwijkt van de
ingedrukte toon moet het kamzadeltje worden verschoven zoals boven beschreven
waarna de gitaar opnieuw wordt gestemd en alle controles worden herhaald.
De lage E snaar:
De E snaar gelijk zwevend stemmen met de A snaar d.m.v.
flageoletten.
Eerste boventoon op A snaar (boven fret 12) moet gelijk zweven met de ingedrukte A op de 17e positie van de E snaar.
Controleer of de eerste boventoon (boven fret 12) hetzelfde klinkt als de
ingedrukte E op de 12e positie.
Controleer of de tweede boventoon (boven fret 7 of 19) hetzelfde klinkt
als de ingedrukte B op de 19e positie.
De A snaar:
De A snaar gelijk zwevend stemmen met de E snaar.
Tweede boventoon (boven fret 7) op E snaar moet gelijk zweven met de
ingedrukte B op de 14e positie van de A snaar.
Derde boventoon (boven fret 5) op E snaar moet gelijk zweven met de
ingedrukte E op de 19e positie van de A snaar.
Controleer of de eerste boventoon (boven fret 12) hetzelfde klinkt als de
ingedrukte A op de 12e positie.
Controleer of de tweede boventoon (boven fret 7 of 19) hetzelfde klinkt
als de ingedrukte E op de 19e positie.
De D en G snaren:
De D snaar afstellen vanaf de A snaar volgens de methode van de A snaar.
De G snaar afstellen vanaf de D snaar volgens de methode van de A snaar.
De B snaar:
De B snaar gelijk zwevend stemmen met de lage E snaar.
De hoge E snaar gelijk zwevend stemmen met de lage E snaar.
De eerste boventoon op de E snaar moet gelijk zweven met de ingedrukte E
op de 17e positie van de B snaar.
Controleer of de eerste boventoon (boven fret 12) hetzelfde klinkt als de
ingedrukte B op de 12e positie.
Controleer of de tweede boventoon (boven fret 7 of 19) hetzelfde klinkt
als de ingedrukte Fis op de 19e positie.
De hoge E snaar:
De B snaar gelijk zwevend stemmen met de lage E snaar.
De hoge E snaar gelijk zwevend stemmen met de lage E snaar.
De tweede boventoon op de B snaar moet gelijk zweven met de ingedrukte Fis
op de 14e positie van de E snaar.
Controleer of de eerste boventoon (boven fret 12) hetzelfde klinkt als de
ingedrukte E op de 12e positie.
Controleer of de tweede boventoon (boven fret 7 of 19) hetzelfde klinkt
als de ingedrukte B op de 19e positie.